Categorieën
(i)mvo

VAE VICTIS

Mensen die aangewezen zijn op ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning moeten erop kunnen rekenen dat die van goede kwaliteit is. Dit is om uiteenlopende redenen, ondanks een Koninklijk Besluit uit 2006 ook in 2015 (nog) niet vanzelfsprekend.

“wee aan de overwonnenen”

Tal van organisaties, ook de overheid, heeft de informatievoorziening niet op orde. Het ontbreekt aan competentie en vaardigheden, van belang om de taken van de Rijksoverheid te kunnen uitvoeren.

‘De Rotterdammer’ wil een betrouwbare, flexibele en compacte overheid wil, met kwalitatief goede dienstverlening. Om dit te bereiken, zet de gemeente onder andere in op transformatie richting een regie-organisatie. Competentie en vaardigheden ontbreken, waardoor de burger de risico’s draagt. Misbruik van procesrecht of misbruik van omstandigheden vormen een bedreiging voor de burger. Een sterk verzwakte overheid is een kans voor ondernemers die het niet nauw nemen met de rechten van de ander.

Mensen die aangewezen zijn (of worden) op ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning lopen het gevaar in handen van tirannen of ‘wolven in schaapskleren’ te belanden. Oplichters die zichzelf voorzien in de eigen behoeften door systematisch mensen te bedriegen over haar of zijn afkomst (affiniteit), vaardigheden, intenties of prestaties (charlatans of schuimers) zullen de omstandigheden ongetwijfeld niet onbenut laten. De Rijksoverheid die nagelaten heeft voor de democratische rechtsstaat te zorgen besluit om taken naar niet-gouvernementele organisaties over te hevelen.

Eeuwen geleden constateerde dat de autoriteiten, de oversten van het volk, handlangers waren van dieven en moordenaars (tirannen). Kennis van het bestaan en de inhoud van Advies 87 van de AIV uit januari 2014 heb ik niet nodig om de situatie op haar merites te beoordelen. De burger met de competenties van de Inspecteur-Generaal kan dit zelfstandig beoordelen. Om systematische fouten eruit te halen, is echter kennis nodig van de grondslagen van de moderne staat. Deze zijn bijvoorbeeld te vinden in Staatkunde, Nederland in drievoud. Deze kennis, benodigd om te kunnen ‘nullen’, heeft de staatssecretaris niet.
Een staatssecretaris ondersteunt een minister bij het politiek leiden van een ministerie, maar door actieve participatie van het ministerie blijkt dat de beroepskracht competenties en vaardigheden mist.

Advies 87, tot stand gekomen n.a.v. de vraag van het kabinet van 19 april 2013, levert het vermoeden van rechteloosheid en bestuurlijke nalatigheid en een lage score op de kwaliteit van de democratische rechtsstaat Nederland. Duidelijk wordt dat de diverse organisaties niet voldoende beschikken over een goede kennis van organisatorische, maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren binnen en buiten de organisatie. Daar kennis ontbreekt, ontbreekt constructief leiderschap en ook de medewerkster is niet voldoende (in staat gesteld) haar functie goed (naar behoren) uit te oefenen.

Pieter Omtzigt constateert dat in Nederland het bewustzijn dat instituties ernstig kunnen falen veel te weinig ontwikkelt is. De ‘tegenmacht’ is in Nederland onvoldoende krachtig, zo meldt de Telegraaf – 24.12.2019.

Een Tiran in Beeld ?

Een ernstig probleem is dat een officier van justitie wel constateert dat er sprake is van rechteloosheid en bestuurlijke nalatigheid, maar dat er niet (tijdig, niet geheel, niet correct of geheel niet) wordt bijgestuurd of ingegrepen. De officier van justitie maakt bekend dat hij geen bevoegdheid zou hebben aangaande het beleid. Rechterlijke controle, in het bijzonder op gezagsdragers, de kern van het openbaar bestuur, ontbreekt. De overheidsmacht wordt met de niet-gouvernementele organisatie niet aan banden gelegd door het recht. Door middel van een proces (van destructief leiderschap) dat bestaat uit overheersing/dominantie, manipulatie, dwang en (be)dreiging, levert dit het vermoeden van een vergrijp of wanbedrijf. Het is een daad waarmee een persoon of organisatie zich niet aan de regels van de wet houdt. De activiteiten worden uitgebreid en doordat de aanbieder een advocaat in de arm neemt, wordt duidelijk dat het gaat om georganiseerde criminaliteit. Ook woningcorporaties maken misbruik van de omstandigheden om hun winsten te vergroten, ook profiteren huisjesmelkers.

In 2018 heeft staatssecretaris Tamara van Ark, of haar woordvoerster, vanuit Sociale Zaken en Werkgelegenheid een plan met mij gedeeld. Door middel van programmatische afspraken met gemeenten wenst het kabinet tot een betere aanpak van de armoede en schuldenproblematiek te komen. De verantwoordelijkheid daarvoor blijft echter bij de gemeente, maar al is het noodzakelijk inmiddels bekend, met een mandaat van de burgemeester staat de burger nog zonder pardon op straat en is ook de (hulp)officier niet in staat of bereid daadwerkelijk effectieve rechtsbescherming – essentieel voor de rechtsstaat – te bieden.

Dit gegeven laat zien dat er van een rechtsstaat niet gesproken kan worden, maar ook dat sprake is van een Aanslag tegen het Rijk. Het misdrijf is een “Onverhoedsche verraderlijke of althans boosaardige aanval op iemands leven of zijn belang”. In het wetboek wordt het delict omschreven als “de aanslag ondernomen met het oogmerk om het Rijk geheel of gedeeltelijk onder vreemde heerschappij te brengen of om een deel daarvan af te scheiden”.
Gedurende het bestuurlijke proces doet de hulpofficier (bij de ontruiming en huisuitzetting) een beroep op de mandaat van de burgemeester. Dit heeft sterke overeenkomsten met gedwongen verplaatsing van mensen zoals gedurende ’40 – ’45 hebben plaatsgevonden (deportatie). 

Doorgaans bestaat deze ruimte waarin misbruik van omstandigheden mogelijk is (de verraderlijke of althans boosaardige aanval op iemands leven of zijn belang) nadat een Aanslag tegen de Regeringsvorm vooraf ging. De figuur van de ‘aanslag’ wordt in de Nederlandse strafwet uitsluitend gebruikt om de Nederlandse staat en staatsinrichting bijzondere bescherming te bieden. In het wetboek wordt het delict omschreven als “de aanslag ondernomen met het oogmerk om de grondwettige regeringsvorm of de orde van troonopvolging te vernietigen of op onwettige wijze te veranderen”.

Onderzoeken op het gebied van de politie en nationale veiligheid worden uitgevoerd in de directie Politie en Crisisbeheersing. een directeur Strategie, Kwaliteit en Bedrijfsvoering verantwoordelijk voor de strategische en juridische advisering, communicatie, kwaliteitsmanagement en ondersteuning van de Inspectie.

In reactie op mijn schrijven d.d. 16 oktober 2015 aan Zijne Majesteit de Koning ontvang ik vanuit de Kabinet van de Koning bericht dat de brief met in het onderwerp “De Verwaarloosde Staat”, waaruit het ontbreken van het bieden van effectieve rechtsbescherming blijkt, maakt de woordvoerder, portefeuillehouder Juridische Zaken en Internationale Zaken, mij jaren aaneen bekend niet in staat (of bereid) te zijn mij te kunnen helpen. Zorg voor de rechtsstaat is de zorg voor de potentiële slachtoffer, tegen wie een aanslag is of wordt geraamd.

Aangezien uit de praktijk vast te stellen is dat al geruime tijd nagelaten wordt statelijk gezag in het recht te leggen, kan Nederland niet van een rechtsstaat spreken. Het vermoeden bestaat dat er al geruime tijd sprake is van een justitiële dwaling.
Een justitiële dwaling is een rechterlijke dwaling of een eenzijdige dwaling van een openbaar aanklager of de jury, waarbij iemand op wie geen schuld rust langdurig wordt vervolgd of zelfs ten onrechte en onherroepelijk wordt veroordeeld. Dwalingen kunnen bij de vervolging van alle misdrijven optreden.

Niet alleen ontwricht hierdoor de maatschappij, maar ook internationaal veroorzaakt dit (ernstige) scheuringen. Al adviseert de AIV het kabinet in januari 2014 dat zorg voor de rechtsstaat beter kan beginnen (voordat inbreuk wordt gedaan op fundamentele normen en beginselen van de rechtsstaat), wij zien hier dat de democratische rechtsstaat, het Koninkrijk der Nederlanden, onvoldoende of geen waarborgen biedt tegen willekeur en machtsmisbruik, met gedegen wetten en onafhankelijke rechters!

Dit is een zeer ernstige zaak, waar te lichtvaardig over gedacht wordt, en waarin ik ook van minister Sander Dekker nooit enige reactie heb ontvangen. Sterker nog: ik heb een nieuw e-mailaccount moeten openen om naar een adres naar @minjus.nl te kunnen mailen.

Gegeven de grote maatschappelijke en politieke veranderingen van de laatste decennia is publieke aanspreekbaarheid door middel van de ministeriële verantwoordelijkheid relevanter dan ooit. Om deze goed te laten werken, is een transparant en correct samenspel nodig tussen Kamerleden, kabinet en ambtenaren. Aldus de Raad van State, in een ongevraagd advies, waarin zij ook door het stellen van een aantal vragen de kern van de werking van de ministeriële verantwoordelijkheid raakt.