Zorg voor de rechtsstaat

Voorlopige constatering: De rechterlijke macht is voortdurend nalatig – blijft herhaald in gebreke – en laat na daadwerkelijk voor de kwaliteit van de democratische rechtsstaat Nederland zorg te dragen.

In de rechtsstaat wordt overheersing van het recht herkend, maar legt de rechter het (statelijk) gezag ook daadwerkelijk in het recht? Onttrekt de rechter zich dan is niet alleen sprake van  verwijtbaar gedrag, maar dit levert tevens het vermoeden van plichtsverzuim of een strafbaar feit.

De bedoeling van de rechtsstaat is dat in het maatschappelijk verkeer onderling vertrouwen mogelijk wordt, maar door gebrek aan rechtsstaat – een overheid of een functionaris daarvan misbruikt zijn macht of verzuimt haar plicht – is het maatschappelijk belang in het geding. Dit biedt ruimte aan ‘parasiterende relaties’ hetgeen het vermoeden van misbruik (fraude) van de Wmo en Jeugdwet oplevert.

Opmerkelijk is dat private-instellingen (aangeven) ook de kennis niet te hebben – omgevingsbewustzijn ontbreekt – maar ook het bestuur wil “waarheidsvinding niet toepassen zoals de wet dit vereist” en misleidt daarbij medewerkers en cliënten – het management is niet dienstbaar, maar veeleer is sprake van een parasiterende relatie. Medewerkers denken dat de cliënt ‘gestoord is’ en dat hun werkgever het wel zal weten, zonder dat de wetenschappelijke toets der kritiek wordt toegepast.

De officier van justitie van het Openbaar Ministerie Rotterdam deelt mij mee geen bevoegdheid te hebben het beleid en handelen binnen de Maatschappelijke Organisatie Rotterdam Rijnmond Rotterdam te toetsen en dus constateer ik dat overheidsmacht niet aan banden wordt gelegd door het recht en  zorg voor de rechtsstaat derhalve ontbreekt. Dit levert dus situaties op waarin rechtsstatelijke waarborgen in de knel komen en waardoor ook juridische geschillen ontstaan. Sterker nog: de juridische infrastructuur schiet tekort en ook ontbreekt het bewustzijn van mensenrechten en kennis van het bestaan van algemene rechtsbeginselen, hetgeen een cultuur van werken verklaart dat beslissend is.

Verder is bekend dat de  staatsbeoefenaar kennis dient te hebben van het bestaan en de inhoud van de ongeschreven regels van het staatsrecht.

Is de  staatsbeoefenaar niet bekend met de gevolgen van het ontstaan van de  ongeschreven regels dan kan dit het functioneren van de rechtsstaat beïnvloeden en daarbij is ook de internationale samenwerking in het geding. Waarborgen voor Europese burgers en fundament van Europese samenwerking ontbreken, maar ook worden burgers tot zondebok gemaakt en daarbij ontstaat een  economisch delict doordat ook inbreuk wordt gedaan op een  wettelijk voorschrift als het  Europees Sociaal Handvest.

Om ook het  evenredigheidsbeginsel daadwerkelijk te kunnen verwezenlijken is toetsing van de ontwikkelingen binnen Europa noodzakelijk of voorwaarde om de kwaliteit van de  democratische rechtsstaat Nederland te onderhouden. Door  Kwaliteitsbeleid in de Wmo te realiseren komt zicht op  blinde vlekken.
Mensen die zijn aangewezen op de  Wet maatschappelijke ondersteuning hebben dan niet alleen al jaren te maken met een  Dienstverlening die niet aan kwaliteit voldoet en stuitten duidelijk op verzet, maar ook is (dreigend) gevaar op een aanslag op hun toekomst door handelen van betrokken overheidsorganen, hetzij rechtstreeks, hetzij in samenwerking met publieke en private instellingen. Dit levert tevens een vermoeden van een  aanslag tegen het Rijk door misbruik van ambt. 

De (onderzoeks)vraag die dan gesteld en beantwoord moet worden is of het Arrondissementsparket Rotterdam of het Openbaar Ministerie, een klein doch kritiek onderdeel van het staatsapparaat, zich schuldig maakt aan de (poging tot) illegale afzetting van een regering of dat sprake is van een autocoup doordat een zittende heerser zijn macht uitbreidt op een manier die tegen de grondwet of de politieke gebruiken van een land ingaat.

De directeur-bestuurder van Stichting Ontmoeting was met de teamleider van het Dienstencentrum niet daadwerkelijk bereid misstanden te bespreken, wil het ook niet begrijpen hoe het komt dat de cliënt onrecht is aangedaan, maar maakt tevens de cliënt tot zwart schaap om zichzelf vrij te pleiten. De teamleider en andere medewerkers staan hem ter zijde uit persoonlijk belang, maar denken onvoldoende na of het maatschappelijk verantwoord is. De medewerkster die sympathiseert met de cliënt wacht ook een onheuse bejegening en ook de toekomst van haar kinderen loopt door beleid en handelen van de werkgever gevaar. Dit levert het vermoeden van mensenhandel of mensensmokkel in een productieketen.

Hier wordt duidelijk waarom binnen de Nederlandse staatsinrichting sprake is van onafhankelijke machten en een stelsel van onderlinge controle en verantwoording, maar ook dat de Raad van State met recht constateert dat de noodzakelijke spelregels naar de achtergrond zijn verdrongen. Niet alleen levert dit het vermoeden op van  schending van het recht op behoorlijk bestuur, maar ook leiden deze activiteiten tot  staatsmisdrijven.

Onbedoeld (doch sommige zijn zich ervan bewust) groeit het  terreur (of Schrikbewind) doordat de uitvoerende macht berust op  kracht, illegeliteit en repressie.
Integriteitsschending, imago- en reputatieschade (aan burgers)

De Centrale Raad van Beroep legt de verantwoordelijkheid neer bij de decentrale overheid, in deze (persoonlijke zaak) de gemeente Rotterdam. Het collegebestuur Rotterdam met als voorzitter burgemeester A. Aboutaleb (PvdA) zal ook de  hulpofficier van justitie die mede verantwoordelijk is voor de  huisuitzettingen op het matje moeten roepen. De burger lijdt er psychisch onder, de bevolking wordt emotioneel beschadigd en het ontwricht de samenleving. Dit (onderzoek) kan eventuele verdenkingen tegen personen met een  islamitische achtergrond die ook betrokken zijn in diverse besluiten, zoals bijvoorbeeld woningstichting Havensteder, wegnemen. Mogelijk is er wel iets aan de hand en moeten personen bijgeschoold worden of aangesproken op hun gedrag, beleid en handelen.

Tevens rijst de vraag welke mate van schuld ook de directeur-bestuurder van bijvoorbeeld Stichting Havensteder treft en welk aandeel directeur-bestuurder van Het Baken (tevens Wijkcoach) treft. In Eindhoven onderneemt een Juriste stappen om Wijkcoaches voor de rechter te dagen, maar ik doe een beroep op algemene rechtsbeginselen, waarvan het  vertrouwensbeginsel. Ook de Raad van State wijst Ministers, Kamerleden en ambtenaren op hun plichten en verantwoordelijkheden.

Nadat Zijne Majesteit de Koning door mij middels een brief van 16 oktober en 20 november 2015 op de hoogte is gebracht van ‘De Verwaarloosde Staat is vanaf 23 november 2015 ook de burgemeester of zijn secretariaat door mij op de hoogte gebracht van misstanden en de ontwikkelingen. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *